Claude Code plugins: wat ze zijn, hoe je ze krijgt en zelf maakt
Inhoud (14)OpenklappenInklappen
Een Claude Code plugin is een map met bestanden die Claude Code uitbreidt met skills, agenten, hooks en koppelingen naar externe diensten. Je installeert er een uit een marktplaats met /plugin install, of je maakt er zelf een met een manifest in .claude-plugin/plugin.json. Het verschil met een losse map .claude/ is dat je een plugin kan delen, versioneren en hergebruiken over projecten heen.
Laatst bijgewerkt: 19 augustus 2026. Redactie AI voor Bedrijven. Alle commando’s en bestandsnamen in dit artikel zijn nagekeken tegen de officiële documentatie van Claude Code op 19 augustus 2026.
Eén ontwikkelaar in je team bedenkt een slimme werkwijze in Claude Code, en niemand anders heeft er iets aan. Een plugin lost precies dat op.
Snel antwoord: Claude Code plugins zijn mappen met bestanden die Claude Code uitbreiden met skills, agenten, hooks, MCP-servers, LSP-servers en achtergrondmonitors. Je installeert ze via een marktplaats met het commando /plugin, of je maakt er zelf een met een manifest en een SKILL.md-bestand. Het zakelijke nut: je verpakt een vaste werkwijze zo dat je hele team hem heeft, in plaats van één iemand.
Samenvatting in het kort
- Een plugin is niets magisch: het is een map met bestanden die je kan kopiëren, versioneren en delen.
- Wil je iets alleen zelf gebruiken in één project? Hou het los in
.claude/. Wil je het delen? Maak er een plugin van. - Installeren gaat in twee stappen: eerst een marktplaats toevoegen, daarna losse plugins installeren.
- De officiële marktplaats van Anthropic heet
claude-plugins-officialen wordt bij de eerste interactieve start automatisch toegevoegd. - Zelf maken kan in vijf stappen met twee bestanden:
plugin.jsonenSKILL.md. - Veiligheid is geen bijzaak: volgens de documentatie kunnen plugins willekeurige code uitvoeren met jouw gebruikersrechten.
- Elke ingeschakelde plugin kost context bij elke beurt. Opruimen hoort bij het werk.
- Voor een klantgerichte dienst of een applicatie die dag en nacht draait is dit niet het juiste gereedschap.
Wat zijn Claude Code plugins en hoe werken ze?
Een plugin breidt Claude Code uit met skills, agenten, hooks, MCP-servers, LSP-servers en achtergrondmonitors. Technisch is het een map met bestanden. Claude Code leest die map in als je de plugin aanzet, en vanaf dat moment gedraagt Claude zich anders: hij kent extra commando’s, extra werkwijzen of extra koppelingen.
In bedrijfstaal: een plugin is een verpakte werkwijze. Je legt vast hoe iets bij jullie gebeurt, en je deelt dat pakket uit.
Dit kan er allemaal in zitten:
| Onderdeel | Waar het staat | Waarvoor het is |
|---|---|---|
| Manifest | .claude-plugin/plugin.json | Naam, beschrijving, versie, auteur |
| Skills | skills/<naam>/SKILL.md | Vaste opdrachten en werkwijzen |
| Skills (oude vorm) | commands/ als losse Markdown-bestanden | Bestaat nog, maar gebruik skills/ voor nieuwe plugins |
| Agenten | agents/ | Agentdefinities, oftewel Claude die zelfstandig een taak afhandelt |
| Hooks | hooks/hooks.json | Automatische acties op vaste momenten |
| MCP-servers | .mcp.json | Koppelingen met externe diensten |
| LSP-servers | .lsp.json | Taalservers voor codebegrip |
| Monitors | monitors/monitors.json | Achtergrondmonitors |
| Uitvoerbare bestanden | bin/ | Wordt aan het PATH van Bash toegevoegd zolang de plugin aanstaat |
| Standaardinstellingen | settings.json in de hoofdmap | Alleen de sleutels agent en subagentStatusLine |
De veelgemaakte fout die je meteen moet onthouden: zet commands/, agents/, skills/ of hooks/ nooit in .claude-plugin/. Daar hoort alleen plugin.json. Alle andere mappen staan in de hoofdmap van de plugin, en dat is de map van de plugin zelf, nooit ~/.claude/. Heeft je plugin precies één skill? Dan mag SKILL.md rechtstreeks in de hoofdmap.
Wat kan je met een plugin wat zonder plugin niet lukt?
Het verschil zit in vaste, herhaalbare uitbreidingen. Zonder plugin typ je elke keer opnieuw uit wat je wil. Met een plugin zit die instructie al in het systeem, samen met eventuele koppelingen en automatische controles.
Concreet uit de officiële marktplaats: een LSP-plugin geeft Claude echt codebegrip. Volgens de documentatie ziet hij na elke bewerking meteen de fouten en waarschuwingen, en kan hij naar definities springen en verwijzingen vinden in plaats van te zoeken op tekst. Dat is een ander soort werk dan tekst matchen.
Plugins of extensies: wat is het verschil?
Claude Code werkt niet met “extensies” als apart begrip. Wat je in andere gereedschappen een extensie noemt, heet hier een plugin, en de losse variant daarvan is simpelweg een map .claude/ in je project. Dat is de hele indeling: los in .claude/, of verpakt als plugin.
Hoe verhoudt dit zich tot GitHub Copilot?
Kort: het zijn verschillende soorten gereedschap, en de documentatie van Claude Code maakt zelf geen vergelijking. GitHub Copilot is in de eerste plaats een codeerhulp binnen je editor. Claude Code werkt in de terminal, en plugins zijn daar het mechanisme om jouw werkwijzen, koppelingen en controles mee uit te delen aan een team. Wil je weten wat écht bij jullie past, kijk dan naar waar je mensen werken en wat je wil standaardiseren, niet naar functielijstjes.
Voor wie is dit wel en niet bedoeld?
Wel: teams met minstens één ontwikkelaar, en zaakvoerders die willen begrijpen wat hun ontwikkelaar aan het inrichten is. Niet: iemand zonder terminal-ervaring die er zelf mee aan de slag wil. De commando’s hieronder typ je in een terminal. Als je dat nooit doet, lees dit artikel dan als opdrachtgever en laat het uitvoeren.
Wanneer kies je een losse map .claude/ en wanneer een plugin?
Kies los in .claude/ als iets alleen voor jou of alleen voor dit project is. Kies een plugin zodra je het wil delen. De documentatie adviseert om los te beginnen, zodat je snel kan wisselen, en het om te zetten naar een plugin op het moment dat delen aan de orde komt.
Het zichtbaarste verschil zit in de naam van je skill. Los heet hij /hello. Als plugin heet hij /plugin-naam:hello. Dat voorvoegsel (de namespace) bestaat om botsingen te voorkomen als twee plugins een skill met dezelfde naam hebben. Je wijzigt het door het veld name in plugin.json aan te passen.
<!DOCTYPE html>
<html lang="nl">
<head>
<meta charset="utf-8">
<meta name="viewport" content="width=device-width, initial-scale=1">
<title>Losse map of plugin</title>
<style>
.cg-el{font-family:system-ui,Arial,sans-serif;max-width:760px;margin:0 auto;padding:14px;color:#12283a}
.cg-el h3{font-size:17px;margin:0 0 10px}
.cg-el table{width:100%;border-collapse:collapse;font-size:14px}
.cg-el th,.cg-el td{border:1px solid #d6e0e8;padding:7px 9px;text-align:left;vertical-align:top}
.cg-el thead th{background:#12283a;color:#fff;font-weight:600}
.cg-el tbody tr:nth-child(even){background:#f4f8fb}
.cg-el .cg-y{color:#0b6b4f;font-weight:600}
.cg-el .cg-n{color:#9a3412;font-weight:600}
.cg-el p.cg-note{font-size:12px;color:#5b7183;margin:8px 0 0}
@media(max-width:520px){.cg-el th,.cg-el td{padding:6px;font-size:13px}}
</style>
</head>
<body>
<div class="cg-el">
<h3>Losse map .claude/ of een plugin: snelle vergelijking</h3>
<table>
<thead><tr><th>Criterium</th><th>Los in .claude/</th><th>Als plugin</th></tr></thead>
<tbody>
<tr><td>Naam van je skill</td><td>/hello</td><td>/plugin-naam:hello</td></tr>
<tr><td>Delen met collega's</td><td class="cg-n">Omslachtig</td><td class="cg-y">Kernfunctie</td></tr>
<tr><td>Versies uitbrengen</td><td class="cg-n">Nee</td><td class="cg-y">Ja, via veld version</td></tr>
<tr><td>Hergebruik over projecten</td><td class="cg-n">Beperkt</td><td class="cg-y">Ja</td></tr>
<tr><td>Snel wisselen tijdens experimenteren</td><td class="cg-y">Ideaal</td><td>Kan, met --plugin-dir</td></tr>
<tr><td>Uitdelen aan de gemeenschap</td><td class="cg-n">Nee</td><td class="cg-y">Ja, via marktplaats</td></tr>
<tr><td>Beste voor</td><td>Persoonlijke en projectspecifieke werkwijzen</td><td>Team, community, hergebruik</td></tr>
</tbody>
</table>
<p class="cg-note">Bron: officiële documentatie van Claude Code, nagekeken 19 augustus 2026.</p>
</div>
</body>
</html>
Hoe installeer je een plugin via een marktplaats?
Installeren is twee stappen: eerst voeg je een marktplaats toe, daarna installeer je losse plugins daaruit. Een marktplaats is een catalogus van plugins die iemand anders gemaakt en gedeeld heeft.
De officiële marktplaats van Anthropic heet claude-plugins-official en wordt automatisch toegevoegd de eerste keer dat je Claude Code interactief start. Lukt dat niet, voeg hem dan zelf toe:
/plugin marketplace add anthropics/claude-plugins-official
Bladeren doe je met /plugin en dan het tabblad Discover, of via de catalogus op claude.com/plugins. Installeren ziet er zo uit:
/plugin install github@claude-plugins-official
Er zijn nog twee andere marktplaatsen van Anthropic:
/plugin marketplace add anthropics/claude-plugins-community
/plugin marketplace add anthropics/claude-code
Uit de gemeenschapsmarktplaats installeer je als naam@claude-community. De laatste is een demonstratiemarktplaats.
Het venster van /plugin heeft vier tabbladen: Discover, Installed, Marketplaces en Errors. Het detailscherm van een plugin toont drie dingen die je écht moet bekijken voor je installeert: een schatting van de contextkosten (hoeveel tokens de plugin elke beurt toevoegt), de datum van de laatste bijwerking, en een lijst “Will install” met alles wat de plugin toevoegt.
Bij het installeren kies je een bereik:
- User: voor jezelf, in al je projecten.
- Project: voor alle medewerkers aan deze repository. Dit schrijft naar
.claude/settings.json. - Local: alleen voor jezelf, alleen in deze repository.
- managed: geïnstalleerd door beheerders, en die kan je niet wijzigen.
Marktplaatsen toevoegen kan vanaf GitHub met owner/repo, vanaf elke git-URL, vanaf een lokaal pad, of vanaf een URL naar een marketplace.json. Een tak of tag kies je met een hekje achter de URL.
Werkt dit offline of heb je internet nodig?
Een marktplaats toevoegen, een plugin installeren en een plugin bijwerken vraagt netwerktoegang, want die bestanden komen van een git-host of een URL. Claude Code zelf praat ook met het model over internet. Zodra een plugin binnen is, staan de bestanden lokaal op je machine, maar plugins die een externe dienst aanspreken via een MCP-server hebben die dienst wel nodig. Reken dus op internet.
Wat kost het en zit het in elk abonnement?
De geraadpleegde documentatie noemt geen aparte aanschaf voor plugins uit de officiële of de gemeenschapsmarktplaats, en ook geen beperking per abonnementsvorm. De kosten die je wel merkt zijn indirect: elke ingeschakelde plugin voegt tokens toe aan elke beurt, en dat verbruik zie je terug. Het detailscherm geeft daarom een schatting van die contextkosten. Wat de toegang wél kan beperken: organisaties kunnen instellen welke marktplaatsen hun gebruikers mogen toevoegen, en het bereik managed staat volledig bij de beheerder.
Wat zit er in de officiële marktplaats?
De officiële marktplaats bundelt vijf soorten plugins: codebegrip, koppelingen met externe diensten, veiligheidscontrole, ontwikkelwerkstromen en uitvoerstijlen.
- Codebegrip via LSP-plugins:
typescript-lsp,pyright-lspvoor Python,gopls-lspvoor Go enrust-analyzer-lsp. Let op: je moet de bijbehorende taalserver zelf geïnstalleerd hebben. De plugin doet dat niet voor je. - Koppelingen met de MCP-server al ingesteld:
github,gitlab,atlassianvoor Jira en Confluence,asana,linear,notion,figma,vercel,firebase,supabase,slackensentry. security-guidance: kijkt elke wijziging die Claude maakt na op veelvoorkomende kwetsbaarheden en laat ze in dezelfde sessie herstellen.- Werkstromen:
commit-commandsvoor git-workflows,pr-review-toolkitvoor het nakijken van pull requests,agent-sdk-dev, enplugin-devals gereedschapskist om zelf plugins te maken. - Uitvoerstijlen:
explanatory-output-styleenlearning-output-style.
Welke programmeertalen worden ondersteund?
Skills, agenten en hooks zijn taalonafhankelijk: dat zijn instructies in Markdown en JSON, dus die werken bij elke taal. Het onderscheid ontstaat bij de LSP-plugins in de officiële marktplaats. Daar staan er voor TypeScript, Python, Go en Rust. Voor andere talen kan je nog altijd skills en agenten inzetten, alleen krijg je dan geen taalserver kant-en-klaar mee.
Welke plugins zijn nuttig voor webontwikkeling?
Voor een webproject liggen deze het meest voor de hand, allemaal uit de officiële marktplaats: typescript-lsp voor codebegrip, github of gitlab voor de repository, vercel voor uitrollen, supabase of firebase voor de database, figma voor ontwerp, sentry voor fouten in productie en pr-review-toolkit plus security-guidance voor de kwaliteitscontrole. Beslisregel: installeer alleen de koppelingen naar diensten die je team echt dagelijks gebruikt, want de rest kost context zonder iets terug te geven.
Hoe maak je zelf een plugin in vijf stappen?
Ja, je kan zelf een plugin maken, en het minimale voorbeeld bestaat uit twee bestanden. Hieronder staat het volledige voorbeeld uit de documentatie.
Stap 1. Maak de mappen aan.
mkdir my-first-plugin
mkdir my-first-plugin/.claude-plugin
Stap 2. Maak het manifest my-first-plugin/.claude-plugin/plugin.json.
{
"name": "my-first-plugin",
"description": "A greeting plugin to learn the basics",
"version": "1.0.0",
"author": {
"name": "Your Name"
}
}
Wat de velden doen: name is de unieke naam en tegelijk de namespace, dus je skill heet /my-first-plugin:hello. description is wat de gebruiker ziet in de pluginbeheerder. version is optioneel, maar als je het instelt, krijgen gebruikers pas een update als jij dit veld ophoogt. author is optioneel en handig voor naamsvermelding.
Stap 3. Maak de map voor je skill.
mkdir -p my-first-plugin/skills/hello
Stap 4. Maak my-first-plugin/skills/hello/SKILL.md.
---
description: Greet the user with a friendly message
disable-model-invocation: true
---
Greet the user warmly and ask how you can help them today.
De description in de frontmatter (het blok tussen de streepjes bovenaan) is belangrijk: daarmee weet Claude wanneer hij de skill gebruikt.
Stap 5. Test hem.
claude --plugin-dir ./my-first-plugin
En daarna in Claude Code:
/my-first-plugin:hello
Handige varianten uit de documentatie:
- Een zip-archief laden:
claude --plugin-dir ./my-plugin.zip - Meerdere tegelijk:
claude --plugin-dir ./plugin-one --plugin-dir ./plugin-two - Een gehost archief voor één sessie:
claude --plugin-url https://example.com/my-plugin.zip - Na een wijziging:
/reload-plugins. Waarschuwt die dat de promptcache ongeldig wordt, herhaal dan met/reload-plugins --force. - Sneller beginnen:
claude plugin init my-tool. Dat maakt~/.claude/skills/my-tool/aan met een manifest en een eersteSKILL.md, en laadt vanaf de volgende sessie alsmy-tool@skills-dir, zonder marktplaats en zonder installatiestap. - Nakijken voor je deelt:
claude plugin validate ./your-plugin. Bij succes verschijnt “Validation passed”. Met--stricttellen waarschuwingen als fouten.
Hoe deel je een plugin met je team of de wereld?
Delen gaat via een eigen marktplaats: je maakt .claude-plugin/marketplace.json in de hoofdmap van je repository en pusht die naar een git-host.
{
"name": "my-plugins",
"owner": {
"name": "Your Name"
},
"plugins": [
{
"name": "quality-review-plugin",
"source": "./plugins/quality-review-plugin",
"description": "Adds a quality-review skill for quick code reviews"
}
]
}
Elke plugin in de lijst heeft minstens een name en een source. Daarna push je naar GitHub, GitLab of een andere git-host. Gebruikers voegen je marktplaats toe met /plugin marketplace add en werken hun kopie bij met /plugin marketplace update.
Voor een team scheelt het veel gedoe als de marktplaats al bekend is. Zet daarvoor extraKnownMarketplaces in .claude/settings.json van het project:
{
"extraKnownMarketplaces": {
"my-team-tools": {
"source": {
"source": "github",
"repo": "your-org/claude-plugins"
}
}
}
}
Zodra een teamlid de map vertrouwt, wordt die marktplaats zonder verdere vraag toegevoegd. Let wel: een plugin die van een externe bron komt, wordt pas geladen als het teamlid hem zelf installeert.
Voor intern gebruik host je de marktplaats in een privérepository. Wil je naar buiten? Er zijn twee openbare marktplaatsen van Anthropic: claude-plugins-official, die Anthropic zelf samenstelt, en claude-plugins-community, waar inzendingen van derden terechtkomen na controle. Inzenden voor de gemeenschapsmarktplaats gaat via een formulier in claude.ai of in de Console.
Hoe veilig zijn Claude Code plugins?
Dit is de sectie om niet over te slaan. De documentatie is er expliciet over: plugins en marktplaatsen zijn onderdelen met veel vertrouwen, die willekeurige code op je machine kunnen uitvoeren met jouw gebruikersrechten. Installeer alleen plugins en voeg alleen marktplaatsen toe uit bronnen die je vertrouwt.
Anthropic bepaalt niet welke MCP-servers, bestanden of andere software in een plugin zitten, en kan niet garanderen dat een plugin werkt zoals bedoeld. Kijk de website van de plugin na.
Vertaald naar jouw situatie: behandel een plugin zoals je software van een onbekende leverancier behandelt. Zeker op een machine waar klantgegevens, boekhouding of productiesleutels op staan. Een paar praktische regels:
- Lees de lijst “Will install” in het detailscherm voor je op installeren drukt.
- Kijk naar de datum van de laatste bijwerking. Iets dat lang stilstaat, is een signaal.
- Gebruik het bereik
LocalofUserom iets eerst zelf te proberen, voor je het viaProjectop de hele repository zet. - Organisaties kunnen beperken welke marktplaatsen hun gebruikers mogen toevoegen. Als je met gevoelige data werkt, is dat geen luxe maar beleid.
Hoe beheer en ruim je je plugins op?
Beheren doe je met vier commando’s. Zet uit wat je niet gebruikt, want alles wat aanstaat kost context bij elke beurt.
/plugin list
/plugin disable naam@marktplaats
/plugin enable naam@marktplaats
/plugin uninstall naam@marktplaats
Met /plugin list --enabled of --disabled filter je de lijst. Let op: een marktplaats verwijderen verwijdert ook alle plugins die je daaruit installeerde.
Het tabblad Installed helpt bij het opruimen. Plugins die je zelf installeerde maar minstens twee weken en tien sessies niet gebruikte, staan daar onder de kop “Not used recently”, met per plugin een regel “Last used”. Die kosten nog steeds opstarttijd en context, dus dat lijstje is je schoonmaaklijst.
Over updates: automatisch bijwerken staat standaard aan voor de officiële marktplaatsen van Anthropic, en standaard uit voor marktplaatsen van derden en lokale ontwikkelmarktplaatsen.
Een plugin werkt niet: wat doe je dan?
Begin bij het tabblad Errors van /plugin. Daar staan fouten bij het laden. Vier situaties komen volgens de documentatie het meest voor:
/pluginwordt niet herkend. Je Claude Code is te oud. Bijwerken en opnieuw starten.- De skills van een plugin verschijnen niet. Leeg de cache, start opnieuw en installeer de plugin opnieuw:
rm -rf ~/.claude/plugins/cache
- Een taalserver start niet. Dan staat er bijvoorbeeld “Executable not found in $PATH” in het tabblad Errors, omdat de bijbehorende binary ontbreekt. Installeer de taalserver zelf.
- Je eigen plugin doet niets. Controleer eerst of
skills/,agents/ofhooks/per ongeluk in.claude-plugin/staan. Daar hoort alleenplugin.json. Laat daarnaclaude plugin validate ./your-pluginerover lopen.
Wanneer maak je beter géén plugin?
Niet elk idee verdient een plugin. Drie gevallen waarin je het beter laat:
- Het is alleen voor jou, in één project. Hou het los in
.claude/. Dat wisselt sneller en kost je geen onderhoud. - Je hebt al te veel aanstaan. Elke ingeschakelde plugin kost context bij elke beurt. Eerst opruimen, dan uitbreiden.
- Je wil een klantgerichte dienst of een applicatie die dag en nacht draait. Daar is dit gereedschap niet voor bedoeld. Plugins horen bij het werk van je team in Claude Code, niet bij je productiesysteem.
Conclusie
Een plugin is geen nieuw AI-product, maar een verpakking. Je legt een werkwijze vast in een map met bestanden en deelt die uit, zodat een goede aanpak niet in het hoofd van één ontwikkelaar blijft zitten. Dat is precies waar de winst zit voor een kmo of een klein ontwikkelteam: minder afhankelijkheid van één persoon, en dezelfde controles voor iedereen.
Wat je nu kan doen, in deze volgorde:
- Laat iemand
/pluginopenen en het tabblad Installed doornemen. Zet uit wat onder “Not used recently” staat. - Kijk in de officiële marktplaats naar maximaal twee plugins die echt bij jullie dagelijkse werk horen, en let daarbij op de geschatte contextkosten en de lijst “Will install”.
- Laat de vaste werkwijze die jullie nu mondeling doorgeven eerst los in
.claude/bouwen. Werkt hij, zet hem dan om naar een plugin. - Zet de marktplaats voor intern werk in een privérepository en gebruik
extraKnownMarketplacesin.claude/settings.json. - Spreek af wie plugins goedkeurt. Gezien de waarschuwing over willekeurige code uitvoeren is dat een beslissing voor de zaakvoerder, niet alleen voor de ontwikkelaar.
Bronnen
Claude Code, documentatie over het maken van plugins - https://code.claude.com/docs/en/plugins Claude Code, documentatie over plugins vinden en installeren - https://code.claude.com/docs/en/discover-plugins Claude Code, documentatie over marktplaatsen - https://code.claude.com/docs/en/plugin-marketplaces
Verder lezen
Veelgestelde vragen
Moet ik kunnen programmeren om plugins te gebruiken?
Kan ik een plugin uitproberen zonder hem te installeren?
Wat gebeurt er als twee plugins een skill met dezelfde naam hebben?
Wat is het verschil tussen skills/ en commands/?
Kan mijn organisatie bepalen welke plugins medewerkers mogen installeren?
Hoe weet ik of een plugin een update heeft gekregen?
Wat is de snelste manier om te beginnen als beginner?
Wat zijn de meestgemaakte fouten met plugins?
Welke AI-tool past bij jouw taak?
Bekijk onze onderzochte AI-tools, of laat de gratis AI-scan een advies op maat geven.
Bekijk alle AI-tools →